Maandelijks archief: oktober 2016

Dokterskrant #4

INHOUD van nummer 4, oktober 2016


Concreet

Thomas_Verbogt_jaren_geleden
Thomas Verbogt

Het trefzeker formuleren van een klacht is in bijna alle gevallen ingewikkeld. Of ingewikkeld, nee, dat is niet het juiste woord. Zie je, daar heb je het al: ik probeer een kleine klacht over een klacht te verwoorden en merk meteen dat het niet goed gaat.

Waarom begin ik erover? Ik lees dat mannen bij de huisarts concreter zijn dan vrouwen. Is onderzocht. Waarom weet ik niet. Misschien leefde hierover een klacht. Ik ben een man, maar voel me zelden concreet bij mijn huisarts. Mijn huisarts bestaat uit twee personen, een man en een vrouw die de praktijk delen. Als ik een duidelijke klacht heb, dus een klacht die ik enorm concreet kan uitleggen, ga ik naar hem. Als er iets vagers aan de hand is, zit ik liever bij haar. Ik heb het gevoel dat ze me sneller begrijpt.

Maar het begint natuurlijk bij mij, bijvoorbeeld bij mijn antwoord op de vraag waar de pijn precies zit, en of ik daar altijd last van heb. Nee, dat laatste heb ik niet.

„Wanneer dan wel?”

Heldere vraag, maar ja, nu nog een helder antwoord: „Als ik zo ga zitten.” En dan doe ik voor hoe ik ongeveer ga zitten. Op dat moment ga ik matig over mezelf denken. Sterker nog: ik vind mezelf een beetje een aansteller met mijn klacht.

Het gaat niet alleen over klachten bij de huisarts, maar ook bij andere specialisten. De wasmachine maakt een raar geluid. Ik bel de vakman en uiteraard vraagt die wat het probleem is. Dan begin ik dus over het rare geluid. De vakman vraagt wat dat rare geluid is. „Het is een soort zachte sirene”, zeg ik. En dan doe ik het na.


Dokter Bregje nu ook doctor Bregje

doctor_bregje
Bregje Thoonsen verdedigt proefschrift.

Dokter Bregje Thoonsen mag zich nu ook doctor noemen. Vorige maand verdedigde ze aan de Nijmeegse Radboud universiteit met succes haar proefschrift over tijdige palliatieve zorg in de huisartsenpraktijk.

Acht jaar lang deed ze onderzoek naar een manier om collega’s te helpen het goede moment te kiezen om patiënten met een levensbedreigende ziekte palliatieve zorg aan te bieden. Bij palliatieve zorg gaat het vooral om het verlichten van klachten. Bovendien wordt niet alleen op lichamelijke problemen gelet maar op alle problemen die samenhangen met aftakeling en het naderende levenseinde. De dokter probeert van de patiënt aan de weet te komen wat die zich voorstelt van het laatste stukje van het leven, welke voorkeuren hij of zij heeft als het om behandelen of niet behandelen gaat en legt uit wat voors en tegens zijn van keuzes.

Uit het onderzoek kwam onder meer naar voren dat patiënten van wie tijdig was herkend dat ze baat konden hebben bij palliatieve zorg in hun laatste levensmaanden minder vaak in het ziekenhuis werden opgenomen en vaker thuis konden overlijden.


Duizelig? Draai er niet omheen

Nogal wat ouderen hebben last van duizeligheid. Daar valt lang niet altijd wat aan te doen. Maar toch is het belangrijk dat u als u duizeligheidsklachten heeft daarover met de dokter praat.

duizeligAls patiënten er in de spreekkamer over beginnen is dat vaak een beetje schouderophalend, zo blijkt uit onderzoek. Ze zien het niet als zo’n groot probleem. De ouderdom brengt immers wel erger kwalen met zich mee. En omdat ze er niet zo zwaar aan tillen denkt de huisarts dat de klachten niet zo ernstig zijn.

Aan het onderzoek namen dertien 65-plussers deel die hun huisarts in de voorbije drie maanden in verband met duizeligheid hadden bezocht. Allemaal voelden ze zich beperkt in beweging en bij het bezig zijn met huishoudelijke taken of hobby. Vrees om te vallen maakte hen onzeker. Dat zijn ernstige klachten en duizeligheid verdient daarom serieuze aandacht, zeggen de onderzoekers.

Duizeligheid kan heel veel oorzaken hebben. In één op de drie gevallen kan helemaal geen bepaalde oorzaak worden vastgesteld. Om de dokter te helpen op het goede spoor te komen is het van belang een bezoek voor te bereiden. Beantwoord voor uzelf vast de volgende vragen:

  • Hoe zou ik de duizeligheid omschrijven?
  • Wanneer, in welke situaties heb ik er last van?
  • Hoe lang heb ik er al last van?
  • Moet ik op bed blijven liggen of kan ik gewoon functioneren?
  • Heb ik ook andere klachten tijdens een aanval van duizeligheid?
  • Gebruik ik medicijnen? Welke?

Om te kennis over duizeligheid zowel onder zorgprofessionals als patiënten te vergroten heeft Gelre ziekenhuis in Apeldoorn het Kenniscentrum Duizeligheid opgericht: www.kenniscentrumduizeligheid.nl.


Hoe voorkom je dat je valt?

Eén op de drie thuiswonende ouderen komt elk jaar minstens één keer ten val. Dat kan nare gevolgen hebben. Soms is opname in ziekenhuis of zorgcentrum nodig. Ook leidt vrees om opnieuw te vallen gemakkelijk tot onzekerheid bij dagelijkse bezigheden of tot het besluit om minder van huis te gaan.
Vallen bij oudere mensen heeft een aantal, vaak samenhangende oorzaken. Door die aan te pakken kun je het risico van een val een stuk kleiner maken.

val_oudereBlijven bewegen

Door veel te zitten en weinig te bewegen verminderen soepelheid en spierkracht. Op de duur ga je ook trager reageren. Dan kan zelfs een kleine misstap al tot een val leiden. Door lichamelijk actief te blijven onderhoud je je reflexen, spierkracht en coördinatie. Je voelt je bovendien fitter. Hoe meer je beweegt, hoe beter. Wandelen, fietsen en tuinieren zijn prima activiteiten. Moeilijke turnoefeningen hoeven echt niet. Natuurlijk kun je risicovolle dingen zoals op een stoel gaan staan om iets hoog uit een kast te halen beter niet doen.

Laat bloeddruk controleren

Je kunt je bij snel opstaan uit bed of stoel, of als je je bukt, duizelig of draaierig voelen. Dat komt doordat je bloeddruk zich niet snel genoeg aanpast aan de verandering van houding en de hersenen even wat minder zuurstof krijgen. Het duurt maar kort maar vergroot wel de kans op vallen. Als u hier last van heeft, laat dan uw bloeddruk controleren. Het kan zijn dat medicijnen een rol spelen. In dat geval moet de dosering mogelijk worden aangepast.

Tips:

  • Komt u uit bed of stoel, doe dit langzaam. Ga eerst rustig rechtop zitten. Span al uw spieren aan, vooral de beenspieren. Sta vervolgens ook weer langzaam op terwijl u zich vasthoudt aan bed of leuning. Ga pas lopen als u niets meer van duizeligheid merkt.
  • Vermijd plotselinge bewegingen, zoals je abrupt omdraaien.
  • Plaats het hoofdeinde van uw bed wat hoger.
  • Drink genoeg (dagelijks minstens 2 liter)

Opletten met geneesmiddelen

Het risico van vallen kan flink groter worden door gebruik van slaap- en kalmeringsmiddelen of middelen voor hart- en vaatziekten. Vaak kan verandering van medicijn of aanpassing van de dosering helpen. Belangrijk is dat u geneesmiddelen correct inneemt en bijverschijnselen meldt.

Laat naar uw ogen kijken

Als je niet goed ziet loop je een groter risico om te vallen.

Tips:

  • Gebruik geen bril van een ander.
  • Ga bij klachten van slechtziendheid naar de opticien.
  • Bent u nog goed ter been, gebruik dan buiten een aparte ‘vertebril’. Geen varifocus of bifocale bril.

Goede schoenen aan

Schoenen met gladde zolen of hoge hakken maken het risico dat je ten val komt groter. Veilige schoenen hebben een goed profiel op de zool, een lage hak, zijn hoogsluitend (net onder de enkel) en hebben een goed, voorgevormd voetbed. Loop, bijvoorbeeld bij uit bed komen, nooit op sokken!

Zorg dat je huis veilig is

Veel valpartijen vinden plaats in huis. Loop de woning eens door en controleer vloeren, trappen, badkamer enzovoorts op ongelijkmatigheden. De Osteoporose Stichting heeft een handige checklist gemaakt. Die is te vinden op de site van de stichting (osteoporosestichting.nl). Klikken op ‘veiligheid en valpreventie’.


Even voorstellen

lot-sivre-witIk ben Lot Sivré, geboren en opgegroeid in Nijmegen. Na mijn studie geneeskunde in Maastricht, besloot ik terug te keren naar Nijmegen waar ik een jaar lang ervaring heb opgedaan in de psychiatrie. Hoewel ik het werk zeer uitdagend vond, merkte ik dat mijn interesse ook naar de lichamelijke klachten uitgaat.

Daarom heb ik besloten me te gaan specialiseren tot huisarts. Wat ik leuk vind aan het vak is het opbouwen van een langdurige arts-patiëntrelatie en om met zowel volwassenen, kinderen als ouderen bezig te zijn. Je ziet zowel eenvoudige als gecompliceerde ziektebeelden, wat het vak afwisselend houdt. Ik ben sinds september 2016 gestart met de huisartsopleiding en ik heb het zeer naar mijn zin in deze praktijk. Ik blijf hier tot december 2017 werkzaam.



Fysio soms even effectief als een operatie

‘Niet bewezen effectief’, daar heeft de fysiotherapeut het lang mee moeten doen. Je kon na een aantal behandelingen en massages wel van je pijn af zijn, bewijs dat het echt had geholpen ontbrak.

fysio_reumaZo verdween reuma van de lijst met chronische aandoeningen waarvoor behandeling door de fysio in het basispakket van de zorgverzekering zit. Voor de meeste aandoeningen op die lijst geldt trouwens: de eerste twintig behandelingen zijn voor eigen rekening tenzij je een aanvullende verzekering hebt.

Maar het beeld kantelt. De fysio vermag meer dan wat we allemaal al wisten. Zo is overtuigend bewezen dat fysiotherapie helpt bij de nogal eens voorkomende kwaal van etalagebenen. Een intensieve looptraining blijkt de onderliggende oorzaak, vernauwing van de slagaders in de benen, net zo effectief weg te nemen als een dotteroperatie. Nota bene: zo’n operatie, zes keer zo duur als looptraining bij de fysio, wordt wel vergoed.

Als bewezen effectief geldt fysiotherapie intussen ook bij:

  • slijtage in heup of knie
  • rughernia
  • hartrevalidatie na een infarct of hartoperatie
  • chronische stijfheid

Natuurlijk is operatief ingrijpen niet altijd te voorkomen, maar met goede fysiotherapie zal dat vaak ten minste kunnen worden uitgesteld.


Misselijk bij zwangerschap? Wees er blij om

Het gold als een bakerpraatje: misselijkheid bij zwangerschap is een goed teken. Maar nu blijkt het te kloppen. Vrouwen die in het begin van hun zwangerschap last hebben van misselijkheid, hebben de helft minder kans op een miskraam. Wie ook nog overgeeft, heeft zelfs 80 procent minder kans op een miskraam.

misselijk1Het zijn uitkomsten van een onderzoek onder zo’n achthonderd vrouwen die zwanger wilden worden. Zij hielden een dagboekje bij. Eén op de vijf deelnemers voelde zich al misselijk voordat een zwangerschapstest een positief resultaat te zien gaf.

Van zwangere vrouwen heeft zo’n driekwart vooral in de eerste drie maanden last van misselijkheid. Waarom dat zo is, is nog steeds niet opgehelderd. Er zijn wel allerlei theorieën over, waarvan de oudste is dat misselijkheid de weerzin zou versterken tegen vet en kruidig eten en zou aanzetten tot het eten van voeding die goed is voor de zwangerschap.

Dat bij misselijkheid tijdens de zwangerschap de kans op een miskraam kleiner is wil niet zeggen dat het opwekken van misselijkheid de zwangerschap beschermt. Dat is niet zo.

Een vaak aangeraden middel tegen zwangerschapsmisselijkheid is gember (vier keer daags een capsule met 125 tot 250 milligram). Over de werkzaamheid ervan wordt verschillend bericht. In elk geval lijkt dit kruid niet slecht te zijn voor de baby.


Pseudobaby leidt tot méér tienerzwangerschappen

Een voorlichtingsprogramma dat wereldwijd in zo’n negentig landen wordt gebruikt om tienerzwangerschappen te voorkomen blijkt het omgekeerde te bewerkstelligen. Het gaat om een training met een levensechte babypop die wil worden gevoed, verschoond en verzorgd. Een handenbindertje dus.

pseudobabyMeiden in Australië die het programma op school volgden kregen, vergeleken met leeftijdgenoten die het niet volgden, twee keer zo vaak voor hun twintigste een kind en hadden ook twee keer zo vaak een abortus. Over het Australische onderzoek viel onlangs te lezen in het Britse medische tijdschrift The Lancet.

In ons land zijn tienerzwangerschappen vrij zeldzaam. Volgens recente cijfers van het Rutgers Kenniscentrum Seksualiteit ging het in 2012 om ongeveer vier op de duizend 15- tot 19-jarigen. Preventieprogramma’s met pseudobaby’s worden hier niet gebruikt. In plaats daarvan wordt gemikt op voorlichting over veilig vrijen.


Cholesterolverlagers doen meer goed dan kwaad

Statines worden ze genoemd, de pillen die mensen met een verhoogde kans op hart- en vaatziekten vaak krijgen voorgeschreven. Veel publiciteit was er de laatste tijd over de schadelijke bijwerkingen die ze zouden hebben. Eén op de tien patiënten hield ermee op de cholesterolverlagers te slikken. En dat heeft artsen weer naar de alarmbel doen grijpen.

statinesRampzalig voor de volksgezondheid, concluderen onderzoekers op grond van een uitgebreide analyse die ze publiceerden in The Lancet. Strekking: in de berichtgeving is de ernst van de bijwerkingen overdreven, terwijl de voordelen van statines juist onderbelicht bleven.

De onderzoekers verzamelden alle gepubliceerde onderzoeken naar statines en rekenden op grond daarvan uit wat de balans zou zijn als tienduizend mensen vijf jaar lang de pillen zouden slikken. Dan zou bij duizend mensen die eerder een hart- en vaatziekte hadden gehad een hartaanval of beroerte zijn voorkomen. Terwijl het medicijn ook nog eens zo’n vijfhonderd mensen met een hoog risico op vaatlijden zou hebben behoed voor een hartaanval of beroerte.

Een keerzijde heeft deze medaille wel degelijk. Van de tienduizend patiënten zouden er vijf te maken krijgen met ernstige spierklachten en vijf tot tien een hersenbloeding krijgen, vijftig tot honderd diabetes en vijftig tot honderd patiënten zouden klachten als vermoeidheid en spierpijn krijgen.

De onderzoekers beklemtonen bovendien dat de meeste bijwerkingen verdwijnen als gestopt wordt met de pillen, terwijl de gevolgen van een niet voorkomen hartaanval of beroerte vernietigend kunnen zijn.

De balans: statines doen meer goed dan kwaad.